Culinaire combinatie

. Het is deze maand Ben Slaghekke die zijn favoriete wijn-spijscombinatie prijs geeft. Na twintig jaar werkzaam te zijn geweest als commercieel directeur bij Groupe LFE, startte hij  op 1 februari 2013 zijn eigen onderneming, Clicks, Bricks & Wines. Vanuit dit bedrijf werkt Ben momenteel  o.a. als consulent voor World of Wines, een bedrijf dat gespecialiseerd is in online wijnwinkels, en voor Intense BenSWines, een wijnimporteur gespecialiseerd in Fairtrade wijnen, duurzame en biowijnen. Over zijn smakelijkste herinnering schrijft Ben Slaghekke het volgende.Tja, dan word je door Hubrecht Duijker gevraagd naar je favoriete wijn-spijscombi en dat valt niet mee. Want we zijn natuurlijk verwend tijdens de vele inkoopreizen. De beste restaurants, met en zonder sterren over de gehele wereld, heb ik mogen bezoeken. Maar het meest gedenkwaardig blijven toch de informele etentjes waarbij je thuis werd uitgenodigd door de producent/wijnboer. Zo herinner ik me de barbecue van de familie Silva in hun buitenverblijf te Lolol, ver van de bewoonde wereld in de Colchagua Vallei van Chili. Waar we door vader Mario Silva uitgenodigd werden in diens barbecuehutje. Een van de illustere gasten was Hubrecht zelf. En zoals in zo veel gevallen: het gaat niet alleen om de wijn-spijscombinatie, maar ook om het gezelschap –  en deze combinatie was die avond perfect. Heerlijke stukken sappig geroosterd vlees van rund en lam, vergezeld door de prachtige rode wijnen van Casa Silva, waaronder de romige, rijke Carmenère Reserva, dit alles doorweven met goede gesprekken en veel humor. Het bleef nog lang onrustig, die nacht in Lolol…   
. Het is een vinoveteraan, Michel Laroche. Al in 1963 deed hij, samen met vader Henri, zijn eerste oogst, op Domaine Laroche in Chablis, dat hij later zou leiden. Voorts creëerde hij succesvolle wijnbezittingen in zowel Zuid-Frankrijk als Chili. Om vervolgens, in 2009, een La1 (Small)fusie aan te gaan met de Zuid-Franse familiefirma Jeanjean, waaruit Frankrijks vierde wijngroep ontstond, Advini. Maar wat geschiedde: Michel (1946) heeft het ‘grote werk’ de rug toegekeerd. En is op kleine schaal weer wijnbouwer geworden in Chablis, samen met zijn vier kinderen (waarvan de twee dochters meewerken). Het leveringscontract betreffende druiven van 8 hectare (en straks 7 meer) aan Domaine Laroche liep af, en Michel besloot daarmee een eigen domein te creëren, Le Domaine d’Henri. ‘Dat ik niet run als een business, maar als een hobby.’

Profiel breed (Small)Er wordt in diverse percelen zo natuurlijk mogelijk gewerkt, biologisch dus, behalve als ingrijpen echt nodig is, zoals in het regenachtige eerste jaar 2012. Toen het in Chablis regende en blééf regenen. ‘Maar uiteindelijk toch perfect gezonde druiven werden geoogst’. Dat er alleen natuurlijke gisten worden gebruikt, is eigenlijk vanzelfsprekend. Voorts blijft het houtcontact bewust beperkt ‘om de pure expressie van chardonnay niet te hinderen’. En alle flessen dragen een schroefdop, want daarmee was Michel een van Frankrijks grote pioniers. Dan verschijnt de eerste wijn, de LLa2 (Small)e Domaine d’Henri Chablis 2012. En wat smaakt-ie lekker. Beschaafd, zuiver, fris en sappig, met ook fris groen plus wit fruit en een mineralige ondertoon en een bescheiden, volstrekt natuurlijke 12,5 procent alcohol. Chablis-zonder-meer op zijn best. Een wijn die aantoont dat met Le Domaine d’Henri een nieuwe ster werd geboren. Echter, er is meer, een drietal Premiers Crus, bijna alle afkomstig van alleen de wijngaard Fourchaume (foto onder). De leeftijd van de druivenstokken loopt per op per Premier Cru, van circa 30 tot zelfs 75 jaar. En steeds met iets meer houtcontact, zij het nooit veel, van 11 procent tot 37 procent. Filteren blijft achterwege. De Chablis Premier Cru 2012 is voller dan de eerste wijn, nog smakelijker, met een hint van Lar4 (Small)hout, fraaie fruittonen en weer die mineraligheid. Echt prachtig. Nog meer dimensie biedt de Chablis Premier Cru Vieilles Vignes 2012, ‘een wijn waarmee ik me amuseer, wat betekent dat ik het best mogelijke wil maken, ongehinderd door economische druk’. Nog meer diepgang heeft de Chablis Premier Cru Héritage 2012. Michel zelf stelt: ‘We proeven hem véél te vroeg, een Chablis als deze moet je eigenlijk over twintig jaar pas drinken.’ De voor deze wijn echt stokoude stokken, die driekwart eeuw geleden werden geplant, verkeren nog in uitstekende conditie en geven niet alleen een nog keurige opbrengst, maar bovendien druiven die dankzij hun dikke schillen resistenter zijn dan chardonnayvruchtjes van nieuwere klonen. Dit is een van de redenen waarom Michel voor zijn nieuwe kelder- en ontvangstcomplex, dat in maart gereed komt, een perceel heeft aangelegd waar met allerlei chardonnayvarianten en -klonen proefnemingen worden gedaan. Dit voor herplantingen in de toekomst;  ook de vinoveteraan kijkt vooruit. Wijnspeciaalzaken voeren Michels nieuwe wijnen verkopen de wijnen van Domaine de l’Henri voor flesprijzen vanaf  €21,50 (gewone Chablis) tot €45 (Héritage). Adressen via www.horizonwines.com en www.vinee.nl, terwijl www.ovino.nl, die Henri’s nieuwe wijn naar Nederland haalde, de horeca bedient. De hoeveelheid beschikbare flessen is schaars. In 2012 bedroeg de totale opbrengst van Le Domaine d’Henri slechts 55.000 flessen en van de extreem problematische oogst 2013 (‘In 45 jaar heb ik nog nooit zo’n moeilijk jaar gekend’) een magere 40.000.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

reis-reportage

Ge1

HET SUPERBE GENUA

. Wat zullen de Genuezen sterke beenspieren hebben en vast veel voetballers voortbrengen. Trappen en treden lopen doen ze namelijk voortdurend. In hun hoge huizen, in hun kantoren, in hun musea en in hun straten. Alleen rond de haven, Italië’s grootste, is het vlak. Direct daarna krijgt de stad een ongrijpbaar reliëf. De woonwijken strekken zich kilometers lang in zowel westelijke als oostelijke richting uit, alsmede noordwaarts, de hoge heuvels op. En deels rond een groot stadshart dat men ter plekke aanprijst alsGe3 (Small) ‘het grootste historische centrum van Europa’. Of dat terecht is, mag worden betwijfeld – wat te denken van o.a. Parijs, Wenen, Praag en zelfs Amsterdam – maar wel staat vast dat centraal Genua tientallen grootse gebouwen telt, waarondGE2Ber heel wat palazzi, terwijl de UNESCO complete wijken, inclusief individuele straten, tot werelderfgoed heeft verklaard. Veruit de beroemdste straat is de Via Garibaldi, eertijds Via Nueva gedoopt. Waarin de panden aan beide zijden zo imponerend zijn dat Pieter-Paul Rubens ze vereeuwigde in een boek dat hij op eigen kosten publiceerde. Rubens was niet de enige Antwerpenaar die in Genua gewoond en geschilderd heeft. Anton van Dyck maakte er grote, prachtige portretten, Jacob Ferdinand deed dat op kleinere schaal en Jan Wildens creëerde er nostalgische landschappen. Langs de Via Garibaldi zijn werken van deze Vlaamse én veel Italiaanse meesters te zien, op drie locaties: het  Palazzo Rosso (rechts foto gevel en GE4 (Small)daaronder een binnenpoort), het schuin daar tegenover staande Palazzo Bianco en daarnaast liggende Palazzo Tursi. Dat werd ondergebracht in in het voormalig stadhuis, een monumentaal pand met galerijen rond een hoge binnenplaats. In het Palazzo Rosso, waar suppoosten de te volgen routes dwingend dirigeren, kan met een lift naar het dak worden gegaan, waar een klein terras een riant panorama biedt over de oude stad, met daarachter de cruisehaGE7 (Small)ven. Beneden, in de vrij schaars verlichte zalen hangen ook enkele werkjes van Albrecht Dürer en Hendrick Haverkamp. Aan de overkant, in het Palazzo Bianco, zijn stukken te bewonderen van o.a. Rubens en de Bruggenaar Jan Provoost. Terwijl in het Palazzo Tursi naast schilderijen,  GE5 (Small)een standbeeld van Antonio Canova (links) en twee door Paganini bespeelde violen (in een wel heel duistere zaal) ook omvangrijke collecties keramiek en munten bijeen werden gebracht, waaronder geldstukken van Genua zelf. Een deel van de lokale welvaart is te danken aan banken, waaronder Italië eerste, de Banco di San Giorgio (foto links). Nog altijd telt de stad Ge9 (Small) (2)veel banken, dikwijls indrukwekkend behuisd. Ooit ook was Genua, bijnaam La Superba, een maritieme macht van jewelste die oorlog voerde, koloniseerde en op grote schaal handel bedreef. Bovendien vertrokken vanuit de haven miljoenen Italiaanse emigranten naar landen als Argentinië, Amerika en Brazilië. Veel over de zeegeschiedenis is te zien in het Museo del MareGE_10 (Small) (2) Galato, waarvan het grote, rechthoekige gebouw geopend werd in 2004, toen Genua de culturele hoofdstad van Europa was.  Op de derde etage zien bezoekers hoe, in een nagebouwd stoomschip, de emigranten sliepen en aten. Modellen op ware grootte van een snel Genuees zeilschip en een indrukwekkend gereconstrueerde, 17e-eewse galei (rechts) staan elders in het gebouw. En een aparte zaal werd gewijd aan Columbus ofwel Christoforo Colombo die rond 1450 in Genua werd geboren (maar vanuit Andalusië zijn ontdekkingsreizen ondernam en die in Spanje Christóbal Colón werd genoemd). Vanuit het museum kun je de nabije, zeer toeristische Porto Antico (foto links) zien, waar behalve een nagebouwd piratenschip (dat als filmdecor heeft gediend) ook het Acuario di Genova kan worden bezocht, een van de beste, grootste en meest bezochte aquaria in Europa. Het verbazend kleine huisje waar Columbus heeft gewoond vormt een attractie bij een paar torens, GE_19 (Small)niet ver van het Piazza Ferrari. Dit door statige gebouwen omgeven plein met fontein wordt beschouwd als het hart van de stad. Een van die panden is het Palazzo Ducale (althans een zijkant ervan), waar destijds de doge huisde, maar dat nu fungeert als cultureel centrum waar wisselende exposities worden georganiseerd. GE_15 (Small)Voor de trappen van het gebouw (rechts) vindt elke zaterdag een markt plaats van ambachtelijke streekproducten, waaronder hammen, kazen, olijfolieën eGE_13 (Small) (2)n zoeternijen. Op een flesworp afstand van het dogepaleis verrees de door imposante leeuwen (foto helemaal onderaan) geflankeerde kathedraal San Lorenzo die opmerkelijke, in zacht zwart-wit gestreepte muren heeft, romaanse elementen en een tweetal ongelijke torens. Zowel in als bij in de kerk wordt religieuze kunst tentoongesteld in twee musea, en op het plein ervoor voeren groepjes in klederdracht soms vrolijke volksdansen uit. Rond de kathedraal ligt een GE_14 (Small) (2)doolhof van zeer smalle, door hoge huizen gemarkeerde straten waar de zon nimmer schijnt. Dat de straten zo smal zijn, had ook een defensief dGE8 (Small) (2)oel: ze maakten het voor vijanden onmogelijk om met grote groepen tegelijk aan te vallen, laat staan met paarden, strijdwagens en groot geschut. In zo’n bijna-steeg is de Galleria Nazionale Palazzo Spinola gesitueerd, een uit 1593 daterend paleis dat de laatste markiezen van Spinola aan de staat hebben gedoneerd. Dit gebeurde in 1958. De zalen en kamers hangen vol met schilderijen, waaronder een Van Dyck, en zowel goudgelakte lijsten als meubels zie je overal, ook in de kleine spiegelzaal à la Versailles. Bovendien werden de plafonds schitterend gedecoreerd (foto boven). De grote keuken is te vinden op een lage GE_20 (Small)tussenverdiepingGE_21 (Small). Hoe onvoorstelbaar de welvaart was die Genua heeft gekend, wordt nog briljanter geëtaleerd door het Palazzo Reale, langs Genua’s andere fameuze straat, de Via Balbi. Na zo’n tachtig treden over brede, marmeren trappen beland  je op een etage met weelderig ingerichte ruimten, inclusief de kroonzaal waar het koningshuis van Savoy hof hield. Alweer komen we een Van Dyck tegen en lopen door een – nog grotere – spiegelzaal. Een groot betegeld dakterras biedt uitzicht, terwijl het buiten, op de begane grond, genieten is van tuinmozaïeken, poorten (zie de openingsfoto van deze reportage) en een prachtig bewerkte achtergevel. OGE_24 (Small)p enkele passen van het palazzo kun je afdalen naar een beroemd stil pleintje, GE_22 (Small)het rond openbare wasbakken aangelegde Piazza dei Truogoli di Santa Brigida dat door kleurig beschilderde, bijna hemelhoog rijzende panden wordt omgeven (rechts). Loop door over de Via Balbi en het Statione Principe verschijnt, met ervoor een wit standbeeld van, wie anders, Columbus (links). Verscholen naast een apotheek is de ingang te vinden naar een treinlift (ticket kopen bij een tabakszaak aan de overkant) dat omhoog voert naar het Castello d’Albertis. Dit neogotische kasteel stamt uit het eind van de 19e eeuw, maar heeft wallen en fundamenten van driehonderd jaar daarvoor. Behalve een verre blik over GE_23de cruisehaven offreert het slot een bonte verzameling van cultuuruitingen (waaronder vazen, muziekinstrumenten en een totempaal) van alle mogelijke volkeren. Groot zijn de collecties niet, maar ze geven wel het gevoel dat je op een kleine wereldreis bent. Uiteraard krijgt ook de Genuese zeevaart aandacht, alsmede, hoe kan het anders, Columbus (muurschildering onder). Wat we niet tegenkwamen, waren spijkerbroeken ofwel blue jeans, terwijl deze toch in Genua werden ‘uitgevonden’. Als zijnde blauwe GE_25 (Small)matrozenbroeken die op een gegeven moment naar Noord-Amerika werden geëxporteerd. Hoeveel mensen zouden weten dat ‘jeans’ verwijst naar ‘Genua’? Er valt nog veel meer te genieten in Genua, denk bijvoorbeeld aan het subliem gedecoreerde Palazzo del Principe met zijn 16e-eeuwse Italiaanse tuin, en aan de musGen_26 (Small)ea in de oostelijke buitenwijk Nervi. In Genua raak je niet snel uitgekeken.

Tussen en na het gewandel en gewinkel – langs bijvoorbeeld de Via XX Settembre – kan in Genua de inwendige mens gul worden verwend. Overal zijn eethuizen te vinden: ristorantes, osterias, pizzerias, trattorias. Plus geurige broodjeszaken en bakkerijen waar de focaccia alGE_31 (Small)tijd vers is. Enkele van deze etablissementen worden getipt in de webrubriek ‘Aanbevolen restaurants’. Het is bovendien een plezierige plaatselijke gewoonte om tijdens aperitieftijd, bij een glas Prosecco, een gratis portie hartige broodhapjes te serveren. Zoals op het buitenterras van de voormalige boekhandel Al Tamarea, gevestigd aan het door allerlei horecazaken omringde, licht hellende Piazza delle Erbe (foto rechts). Ook wat gastvrijheid betreft is de bijnaam La Superba een zeer terechte.

GE_18 (Small)
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

. Met zorg had ik vanuit Genua een soort bedevaart gepland naar Cinque Terre, het kleine, CT_51 (Small)ongeveer 150 hectare tellende wijngebied – oostelijk van Genua – dat in zijn geheel tot werelderfgoed werd verklaard. Tegen ongelooflijk steil hellingen met uitzicht op zee, groeien daar voornamelijk wijndruiven en olijven. Dit dankzij terrassen, waarvan de stenen muurtjes een lengte bedragen van ruim 6700 kilometer. Ik had een mooie dag gekozen (via de lange-termijn weersverwachting), een treinretour gekocht vanuit Genua (voor een tunnelrijke rit van ruim twee uur), een wijnbezoek en een lunch gepland, wandel- en vaarroutes geprikt.Schets breed (Small)Maar helaas, in Riomaggiore (eerste drie foto’s), het oostelijkste van de vijf kleurrijke kust- en wijndorpen waarnaar de streek werd genoemd, bleek dat die dag niet werd CT_41 (Small)gevaren. CT_43 (Small)Ondanks het stralende weer. Terwijl tegelijk alle beter begaanbare wandelpaden tussen de dorpen zomaar gesloten waren. Geen probleem, dan nemen we toch de trein? Dachten ik en honderden andere toeristen. Maar ja, de Italiaanse spoorwegen…  De eerste trein verscheen na lang wachten helemaal niet, en de tweede pas na nog eens ruim een uur – langs bovendien het verkeerde perron. Cinque Terre zat eigenlijk op slot. Dezelfde avond heb ik in Genua nog wel, en voor CT_40 (Small)het eerst, een witte Cinque Terre kunnen proeven, de 2012 van Polenza. Gemaakt uit vermentino, albarola en bosco. Sappig, aangenaam fris, groen fruitig en zowaar een pietsie ziltig. Zo werd toch nog een beetje genoten van Cinque Terre, zij het niet zoals bedoeld. Voor een impressie van de wijnstreek zelf ben ik achteraf te rade gegaan bij Tjitske Brouwer van het sterk op duurzame wijnen gerichte www.vinoblesse.nl. Zij bezocht Cinque Terre, ondervond daar géén transportproblemen en schreef het het volgende.

CT_11 (Small)Het gebied is genoemd naar vijf dorpen: Monterosso, Vernazza, Corniglia, Manarola en Riomaggiore, die vlak aan zee liggen en slechts verbonden zijn door wandelpaden en het treinspoor. Het is er zeer rotsachtig en steil, met een hellingsgraad tot 90 procent. De bodem bestaat uit rotsen en zandsteen met fossiele resten. Rijk aan mineralen en organisch materiaal. Vrijwel alle wijngaarden zien de zee. De belangrijkste inkomstenbron van het gebied is, naast toerisme natuurlijk, landbouw. In het binnenland van Liguria worden veel groenten verbouwd, alsmede basilicumplantjes voor de pesto. Maar in Cinque Terre doen alleen de wijnrank en de olijfboom het goed. De hellingsgraad is steil, zoals langs de Moezel en in Banyuls, maar slechts een enkele Cinque Terre producent weet de kwaliteit van deze wijnen te evenaren. Het terroir is er, maar het animo ontbreekt veelal. Hierdoor zie je gelukkiCT_44 (Small)g ook weinig fancy commerciële cuvées. De wijn is in de regel vooral geschikt voor de lokale keuken en niet voor een grote internationale markt. Wat zo zijn voordelen heeft. De prijs per fles is hoog, want de kostprijs is dat ook. Wijn maken is er bovengemiddeld arbeidsintensief. Veel voor wijnbouw geschikte grond wordt dan ook voor andere doeleinden gebruikt. Voor een wijnliefhebber op vakantie is het er heerlijk toeven. Je hebt niet de hele tijd het gevoel dat je elke producent zou moeten bezoeken, in de plaatselijke restaurants wordt uitsluitend lokale wijn geserveerd, en in wijnwinkels is voldoende keuze om minder courante wijnen te proeven. Toch is een uitstapje naar een wijngaard een belevenis, zeer de moeite waard. Ik bezocht Luciano Capellini, een producent met grond in Riomaggiore. Zijn wijn, die ik eerder in de enoteca van Rapallo had gekocht, smaakte aangenaam naturel, maar droeg geen biocertificaat. Mijn nieuwsgierigheid was geprikkeld. Ik ben er met de auto naartoe gegaan, maar achteraf had ik beter de boot kunnen nemen. Als ik op de parkeerplaats net naast het dorp aankom, bel ik Luciano. Hij komt direct naar me toe en wijst me een parkeerplaats. Niet makkelijk te vinden en je moet goed kunnen sturen om geen schade te maken… Mijn gastheer vraagt of we eerst due passi in de wijngaard zullen maken en ik stem enthousiast toe. We doen een stukje van de GR (Grande Randonnée) het wandelpad dat van Portovenere naar Levanto loopt. In de wijnregio Cinque Terre kan de witte variëteit vermentino gezelschap gezelschap krijgen van albarola en bosco. Bosco wordt het meest gebruikt en heeft een wat dikkere schil die aan de wijn ook wat tannines kan meegeven. De albarola heb ik hier niet gezien, vermentino wel: rond sappig, geciviliseerd bijna ten opzichte van de bosco. De regelgeving staat gebruik van alle drie de rassen toe, met een minimum van 40 procent bosco. Als ik het me goed herinner, vertelde Luciano dat er in Corniglia alleen maar bosco groeit, en in Riomaggiore aardig wat vermentino. Verder spraken we natuurlijk uitgebreid over hoe lastig het is zo’n wijngaard te onderhouden in een gebied waar dagelijks veel toeristen komen. ‘Toeristen zijn bijna zo erg als everzwijnen… Ze maken de boel stuk en eten de rijpe druiven op.’ Ook de terrassen en trappetjes die Luciano heeft aangelegd worden door hen gebruikt. Betaalt de gemeente overigens aan het maken van ale die trappetjes en terrassen? No, niente. Tijdens de wandeling worden we diverse malen gepasseerd door wandelaars van diverse nationaliteiten. Ik geef ze geen ongelijk, het is een indrukwekkend wandelpad. Ik blijf maar foto’s maken. Het is prachtig. Je ziet steeds het open en weidse van de zee en ruikt het warme zwoele van de kruiden en bloemen in de wijngaard. De wijngaarden zijn inderdaad ongelooflijk steil en op sommige paadjes kijk ik maar niet naar beneden. Luciano vroeg me of ik geen last had van hoogtevrees:’Er zijn veel mensen die hier willen helpen met oogsten, maar ik laat ze altijd even door de wijngaarden lopen en kijk dan eerst hoe dat gaat.’ Ik word gastvrij te lunchen gevraagd en krijg een heerlijke pasta met pesto. Hier in de streek meestal zonder knoflook, zodat ik de wijnen gelukkig goed kan proeven. Naast frisse, ronde, droge wijnen proeven we de Sciachetrà, een passito. Eigenlijk houd ik niet zo van passito, maar bij deze was het heel mooi dat je eerst de zee rook. Heel fris, heel mineralig. Alle kwaliteiten van het terroir tot de essentie gereduceerd. Indrukwekkend.  Luciano zei dat deze halve liter in Italië €60 in de winkel kost, maar dat ik er in Nederland makkelijk €80 voor zou kunnen vragen… Waarschijnlijk keek ik toen heel bedenkelijk.”

 ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
. Je zou hem de BIN BOSS kunnen noemen, want hij is verantwoordelijk voor alle 72 miljoen flessen van de Lindeman’s Bin wijnen: Wayne Falkenberg, hoofd wijnmaker. Door het Lin1aAustralische huis Lindeman’s werd deze lijn in 1985 ontwikkeld, eerst voor alleen Canada, maar is sindsdien spectaculair succesvol in 21 andere landen. Waaronder Nederland. De reden van dit succes? Wayne (1953 en al sinds 1976 werkzaam voor Lindeman’s) stelt dat ‘wij geen wedstrijdwijnen maken, maar wijnen waar consumenten naar zoeken. Wij streven naar instant drinkbaarheid. Naar wijnen waarvan je bij wijze van spreken een fles zou kunnen drinken in plaats van wijnen waarvan je na één glas al genoeg hebt.’ Voorts wordt ondanks de gigavolumes niet industrieel gewerkt, maar maatwerk verricht, ofwel ‘component wine making’.

Profiel breed (Small)Een voorbeeld vormt de Lindeman’s Bin Chardonnay 2013. Waarvoor de druiven afkomstig zijn van allerlei verschillende wijngaarden en met zorg worden geselecteerd  in de droge, warme regio’s rond de Murray River. Tijdens de bereiding passen Wayne en diens team diverse varianten van schilweking toe, gebruiken verschillende soorten gist en hanteren uiteenlopende typen houtcontact (chips, blokjes uit 30 à 40 soorten geselecteerd, Frans eikenhout). En gedurende hele gehele proces, dus ook bij het mengen van de verschillende componenten, wordt voortdurend geproefd, minstens twintig keer. Het resultaat is een inviterende witte wijn, zacht fris, goed gevuld, heel sappig en met elementen van zowel geel fruit, perzik vooral, als wat toast en vanille. Geen wonder dat er wereldwijd ruim 17 miljoen flessen van worden verkocht. Wayne – hij was twee weken op tournee in Europa en deed even Abcoude aan – bracht ook andere Bin wijnen binnen. Inclusief de opmerkelijk goede Lindeman’s Bin 95 Sauvignon Blanc 2013, een bewust niet grassig, maar eerder fris fruitig gemaakte wijn, levendig, met wat tropisch fruit en grapefruit in zijn aroma. De gehele Bin collectie, dus ook de soepele, donkere tonen en sappig zwart fruit biedende Lindeman’s Bin 40 Merlot 2012 en binnenkort de iets frissere, buitengewoon plezLin2 (Small)ierige 2013 worden gevoerd door Albert Heijn, voor €6,49 per fles. Alleen in restaurants zijn enkele Binloze Lindeman’s wijnen te bestellen, van excellente kwaliteit. Wayne’s persoonlijke favoriet is de rijke Lindeman’s Limestone Ridge Shiraz Cabernet Sauvignon 2012, van een 24 hectare tellende wijngaard in Coonawarra. Ik constateer dat alle door Wayne Falkenberg meegebrachte flessen van een handige, veilige schroefsluiting zijn voorzien, inclusief de toppers. ‘Inderdaad’, zegt de Australiër, ‘ik zou zelfs heel graag ál onze wijnen met een schroefdop willen hebben.’

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

 

Nos (Small)VINOSTALGIE (21)
Dit staatsieportret van Château Ausone in Saint-Emilion brengt in herinnering hoe bepalend de invloed van de eigenaar is voor de wijnkwaliteit. Zo schreef een Engelse wijnautoriteit in de jaren zestig van de vorige eeuw: ‘Since the war I have never met an outstandig Ausone’. Terwijl dit château toen toch tot het hoogste echelon van Saint-Emilion behoorde, samen met Château Cheval Blanc. Maar vandaag de dag is het – naar een Romeinse dichter genoemde – domein weer helemaal terug en kost een enkele fles van de oogst 2012 tussen de €360 en €500.


 

Etiket jan 2014 (Small)
Het wonderlijkste etiket uit mijn verzameling, schrijft Bert Wentzel, bertwentzel@hetnet.nl, is helemaal leeg, met alleen een R van Rien ofwel Niets. Via het – verplichte – rugetiket is te zien dat de wijnmaker uit het Bordeaux-gebied komt. Hij vindt een wijnetiket maar “gebakken lucht”.

[socialring]

 

 

Disclaimer. Alle afgebeelde foto’s op deze website zijn afkomstig van de auteur zelf of werden rechtenvrij c.q. met toestemming verkregen van wijnproducenten, wijnorganisaties, wijnhandelaren, promotiebureaus, streek- en landenorganisaties, toeristenbureaus en andere betrokkenen.