. Sherry leren waarderen, dat doe je het plezierigst ter plekke. Thuis placht het een halfzoet drankje te zijn, type Medium, dat bovendien op kamertemperatuur werd gedronken. 


. Hij struikelt bijna over zijn woorden van enthousiasme, Matías Rías, die als hoofdwijnmaker verantwoordelijk is voor de ruim vijftig miljoen(!) flessen die Cono Sur jaarlijks verscheept – wat dit bedrijf tot Chili’s tweede wijnexporteur maakt. Rías legt met verve uit wat de drie pijlers zijn van dit succes: innovatie, kwaliteit en milieubewustzijn. Innovatie omdat Cono Sur op allerlei fronten pionierswerk heeft verricht, niet alleen met de druivenrassen pinot noir, viognier en gewürztraminer, maar ook bijvoorbeeld door vrijwel al zijn wijnen, dus ook de meeste hoogwaardige, met een schroefdop te bottelen. Kwaliteit, zo stelt de wijnmaker (1977), is niet alleen aanwezig in de topwijnen, maar in het gehele assortiment: ‘Wij streven naar de best mogelijk expressie van elk druivenras.’ Om die te bereiken betrekt Cono Sur druiven van wijngaarden die in allerlei gebieden over honderden kilometers liggen verspreid. In eigen bezit zijn 1200 hectare, terwijl daarnaast van contracttelers wordt bijgekocht, o.a. in het noordelijke, koele Limarí. En dan is er het milieubewustzijn. Eerder dit jaar werd Cono Sur door een Brits vakblad uitgeroepen tot Green Company of the Year. Het bedrijf werd ISO-gecertificeerd door CornNZero en is ook de eerste wijnproducent in Zuid-Amerika (en derde ter wereld) om zijn ecologische voetafdruk te meten en vervolgens terug te brengen. Dat gebeurt vooral bij het transport, zoals door gebruik van lichtere flessen.


. Een plaatselijk producent zei eens dat het bezitten van een wijngaard in Savennières

Baumard (1963) omschrijft chenin blanc – de enig toegestane soort voor Savennières – bovendien als een rampdruif. ‘Het is een soort die je het hele jaar koestert en verzorgt, maar die dan opeens stopt te rijpen of begint te rotten.’ De opbrengst is dan ook zeer onregelmatig. Normaal wordt zo’n 40 hectoliter per hectare geoogst, maar van de nu beschikbare jaargang 2007 wast dat slechts 20 tot 25 hectoliter per hectare. Mede voor dat soorten oogsten heeft Domaine Baumard een special pneumatische pers aangeschaft die extra krachtig kan werken, om uit de vruchtjes zo veel mogelijk sap te halen. Alle factoren samen maken Savennières tot een bijzondere

Te koop bij www.degoudenton.nl of zie de banner.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
. Voortreffelijk begeleid door gids Tina Somberg-Buiks van SRC Cultuurvakanties en Oad-chauffeur Willem Boek hebben we een boeiende busreis gemaakt door Midden- en Noord-Engeland. Met als startplaats het noorden van Wales, waar de kustplaats Caernarfon werd bezocht. Dit deels door wallen omgeven stadje ligt aan de voet van een Middeleeuws bolwerk, door Engelsen gebouwd maar nimmer afgemaakt. Het had ooit een paleis moet worden en verrees in een tijd dat de mensen een gemiddelde lengte hadden van ruim anderhalve meter en meestal niet ouder werden dan dertig jaar. Rond het nabije marktplein zijn we op zoek gegaan naar wijnen uit Wales, en vonden zowaar wat flessen – zij het hoog op een plank, met bestofte flesshouders en van jaren her. We hebben ze dus maar laten staan. Maar in het desbetreffende winkeltje, Y Pantri Cymaragg, hebben we voor een terraslunch wel hele lekkere salades laten samenstellen en ook Welsh kazen geproefd, waaronder de smakelijke, harde, hartig-milde Snowdonia Original. Dat op deze zaterdagmiddag de bus vervolgens terugreed naar Engeland via een route door het bergachtige binneland, bleek een bijna fatale vergissing te zijn.
Want vanwege illegaal geparkeerde auto’s van bergbeklimmers was deze weg zo smal geworden dat grote voertuigen, dus ook autobussen, elkaar niet konden passeren – en achter zich tientallen gewone auto’s hadden staan, zodat achteruit rijden geen optie was. Alleen door uiteindelijk een stenen trottoirpaaltje te verwijderen kon het probleem worden opgelost en arriveerden we toch nog in het charmante Chester.
Behalve wallen, waarover je kunt lopen, heeft dit stadje een hoekige kathe-draal, vakwerkpanden en oude galerijen. Afdalend van de noordelijke stadswal ontdekten we The Cheese Shop, met een prachtige collectie Engelse kazen, waaonder de harde, frisse Bournes Organic koemelkkaas en verse, heerlijke, niet te zoute geitenkaas Kidderon Ash, beide uit Cheshire. Bovendien voert men Engelse wijnen.
Zoals de lichte, frisse muskaatachtige en en tikje kruidige Three Choirs Vineyards Coleridge Hill 2010, ook weer uit Cheshire en perfect bij de geitenkaas. Als je vanuit Chester pal oost rijdt, over de A54, kom je bijna vanzelf in Biddulph. Dit is de reis waard vanweg de Biddulph Grange Garden, een rijk, schitterend tuinencomplex met ook Egyptische en Chinese elementen. Het werd aangelegd achter een imposant, laat 19e-eeuws herenhuis.
Dan door naar het Lake District, een geliefde vakantiebestemming voor miljoenen Engelsen en vereeuwigd in niet alleen talrijke schil-derijen, maar ook gedichten. Wat je er kunt doen, behalve wandelen, schapen tellen en een boottocht maken over een deel van het 18 kilometer lange Lake Windermere? Véél eigenlijk. In Bowness-on-Windermere kan bijvoorbeeld The World of Beatrice Potter worden bezocht, een bijzonder aardig museum met poppen, voorstellingen en andere dingen uit de beroemde, knap geïllustreerde kinderverhalen van de schrijfster, die zelf in het gebied heeft gewoond. Voorts kun je even buiten het dorp Grasmere (waarnaar ook een meer werd genoemd) een korte rondleiding volgen in het Dove Cottage, een voormalige pub waar de beroemde dichter William Woodworth ruim acht jaar verbleef, samen met zijn zuster.Naast het gebouwtje staat inmiddels ook een klein museum. Streekinfo en een groot, hellend park zijn te vinden in het Lake District Visitor Centre te Brockhole, waar je bovendien op het panoramaterras kunt lunchen. De A66 brengt ons naar het historische Durham, niet ver van de oostkust. Het werd in de 10e eeuw gesticht. Behalve enkele hellende winkelstraten vind je er een grote kathedraal en vlak daarbij een universiteit. Om het altoos matige hoteleten een beetje te compenseren, hebben we er heerlijk geluncht, in een straatje richting kathedraal. Namelijk bij een filiaal van Zizzi, een grote keten van Italiaanse restaurants. De vers bereide pizza fiorentina, pompoenrisotto, Prosesco van het huis en een glas Sicilaanse Merlot van Cusumano brachten een glimlach om de mond. En toonden hoe waar het citaat is dat we van Frank Lloyd Wright op een servet aantroffen: ‘Dining is and always was a great artistic opportunity’.
In zuidelijke richtig zakken we af naar York, dat al bezocht werd door een Romeinse keizer en dat na Londen de belangrijkste Engelse vestingstad is geweest. Alsmede hofstad en een bloeiende wolstad. Rijk dus. Sommige winkelstraten hebben vakwerkhuizen en veel
sfeer, terwijl er ook een een immense kathedraal staat, de York Minster, met ’s werelds grootste gebrandschilderde raam (hoge toegangsprijs, 8 pond maar liefst). Daarnaast vind je er een bisschoppelijk paleis en resten van oude wallen. Bepaald beroemd is Little Betty’s, een op de eerste etage gevestigde tea room in de winkelstraat Stonegate. De bedienende dames lopen in witte uniformen, de eigen theemelange mag er zijn en je er kunt alle mogelijk scones en andere lekkernijen bestellen. In de buurt van York wordt ook wijn gemaakt, o.a. op de Fairfield Farm. De witte, in York gekochte Wolds View 2010 had weinig alcohol en de frisheid van een Sauvignon Blanc, plus wat kruidig wit fruit. Prima, eigenlijk.
Een flink stuk verder afzakkend en even voorbij het vaak in films verschenen Stamford – waar ongeveer vijhonderd huizen op de monumentenlijst staan – vormde Burghley House het hoogtepunt van de trip. Het telt maar lieft 240 vertrekken die vrijwel allemaal vol gehangen zijn met werken van Italiaanse schilders (uit vooral de 16e en 17e eeuw).
Ook het meubilair is beeldschoon. En vaak zijn zowel wanden als plafonds prachtig beschilderd. De rondgang begint in een hoge, enorme keuken (de oudste ruimte) en eindigt in de grote balzaal. Als extraatje kun je nog kunt wandelen in een tweetal parken, waarvan het grootste met moderne sculpturen werd versierd (foto onder).
De reis eindigt in Cambridge, waar ook Erasmus verbleef, zijn het niet tot tevredenheid. Want hij vond ‘de vrouwen lelijk en de wijn niet lekker’. Heel populair daar is het punten over de grachten. Het centrum bestaat uit alle mogelijke grote en kleine colleges, zoals het King’s College, Trinity College en St. Johns College, plus een stuk
of vijftien kerken en de nodige kapellen.Tegenover het King’s College zagen we een grote wijnwinkel, Cambridge Wine Merchants, met achthonderd soorten in voorraad. Dus vast ook veel Engelse, dachten we. Maar op onze vraag daarnaar werd enigszins smuikend gereageerd. Zo van: ‘Engelse wijnen, weet u dat zeker? Misschien dat we er een of twee voeren, maar zeker weet ik het niet’. Kennelijk hebben de Engelse wijnbouwers in eigen land nog missiewerk te verrichten.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Af en toe ril ik nog als ik denk aan het liefdeloos bereide voedsel dat in Britse middenklassehotels wordt geserveerd. Maar één ding doen ze wel goed, namelijk werken met maatglazen voor wijn. In veel gevallen kun je zelfs uit twee of drie hoeveelheden kiezen, bijvoorbeeld 125 ml, 175 ml of 250 ml. Meestal gebruikt men achter de bar, waar de wijnen worden ingeschonken, maatbekers. De bestelde wijn gaat eerst daarin en wordt vervolgens overgegoten in een glas. Maar ook glazen met maatstreepjes komen voor. In ons land wordt wijn-per-glas bijna altijd met de losse hand ingeschonken, met uiteraard als gevolg wisselende hoeveelheden. Het zou fijn zijn als het Britse, trouwens ook in Amerika veel gebezigde serveersysteen wordt overgenomen. Snel liefst, want wat betreft die Nederlandse pech-of-geluk hoeveelheden is voor mij…de maat vol.
CULINAIRE COMBINATIE
De wijnpersoonlijkheid die deze maand aan het woord komt met zijn favoriete wijn-spijscombinatie, is Joep Speet. Hij komt uit opleidingswereld en raakte in wijnland terecht door voor een importeur o.a. wijncursussen en proeverijen te organiseren. Dit was in 2001. Twee jaar later stapte hij over naar een ander bedrijf en werd daar verantwoordelijk 

. In Het Parool heeft Simon Carmiggelt eens een stukje geciteerd uit T.H.D. Nieuws, een uitgave van de Technische Hogeschool in Delft. Het luidde als volgt. In een weddenschap met enige Delftse journalisten beweerde Vuurens ‘als goede wijnkenner’ het verschil te kunnen proeven tussen twee flessen precies dezelfde wijn op temperatuur, waarvan een fles voor gebruik was geschud. Dit schudden had de heer Vooys voor zijn rekening genomen door met die ene fles een stuk te gaan fietsen. Vuurens zou de geschudde wijn aan moeten wijzen. Tot opluchting van de tegenpartij wees hij de verkeerde wijn aan. Hierover merkte hij op: ‘Verdraaid, dat glas wijn smaakte me nou juist het beste.’
Opnieuw heeft Bert Wentzel een opmerkelijk etiket uit zijn formidabele verzameling geselecteerd. Zelf licht hij het als volgt toe.
De Nederlandse kunstenaar Aat Veldhoen is vooral bekend van zijn erotisch getinte tekeningen en schilderijen. Dit thema is ook weer terug te vinden op de wijnetiketten welke hij jaren geleden voor wijnhandel Tastevin in Amsterdam heeft gemaakt. De wijnflessen met deze etiketten gingen vooral naar homobars en andere erotisch gelegenheden. Toen ik dit kleine kunstwerkje op een ruilbeurs in België liet zien, werd ik bijna onder voet gelopen.
*
Disclaimer. Alle afgebeelde foto’s op deze website zijn afkomstig van de auteur zelf of werden rechtenvrij c.q. met toestemming verkregen van wijnproducenten, wijnorganisaties, wijnhandelaren, promotiebureaus, streek- en landenorganisaties, toeristenbureaus en andere betrokkenen.


