STAPSGEWIJS
GENIETEN VAN GORINCHEM

Gorinchem, dat veelal wordt uitgesproken als Gorkum, associeert autorijdend Nederland voornamelijk met berucht lange files voor de Merwedebrug. Maar het loont de moeite om, buiten de spitsuren uiteraard, naar de stad zelf te rijden. Want na geparkeerd te hebben in de grote Kazerneplein garage (Pompstraat 27) is al wandelend binnen deze – op het kruispunt van drie rivieren gelegen – vestingstad véél te genieten. Het beste beginpunt is de plaatselijke VVV waar vriendelijke vrouwen je graag een plattegrond verschaffen, en ook tips, terwijl  tevens handige boekjes met stadswandelingen verkrijgbaar zijn. Vanaf de parkeergarage wordt de route naar de VVV via wegwijzers aangegeven, maar eigenlijk kun je gewoon naar de van veraf zichtbare Grote Kerk met zijn hoge toren lopen. Want daar schuin achter staat, aan de Grote Markt, het paleisachtige, voormalige stadhuis. Waarin  behalve het toeristisch informatiecentrum en een café ook het Gorcums Museum werd ondergebracht dat Gorkums lange, en soms heftig historie rijk in beeld brengt. Een beruchte periode werd gevormd door de Arkelse Oorlogen die elf(!) jaar duurden, vanaf 1401. Landheer Jan van Arkel, wiens familie Gorinchem rond 1270 had verworven, streed toen om de stad met Graaf Willem VI van Holland, de uiteindelijke winnaar. Voor de inwoners was dat een goede zaak, want Gorinchem beleefde vervolgens een periode van grote bloei, vooral dankzij de vreedzame handel over de rivieren. Dat was handel in o.m. bier, graan, pijpen, vis en allerlei landbouwproducten. Met vijfduizend ingezetenen werd het zelfs de achtste stad van Holland. Al veel eerder, vanaf halverwege de 14e eeuw, had Gorinchem stevige stadswallen gekregen. Een paar honderd jaar later werden deze vervangen door een weidser complex van wallen, poorten en bastions die veelal nog bewaard zijn gebleven. Het Gorcums Museum toont tevens lokale kunst, via een schilderijen collectie. Want tussen 1600 en pakweg 1675 ontstond de zogeheten Gorcumse School die volgens historicus Aart Bijl (auteur van ‘Onbekend maakt Onbemind’) de plaatselijke kunstschilder Dirck Govertsz van Heel als grondlegger had. Overigens komt in het museum ook moderne kunst regelmatige aan bod, via wisselende tentoonstellingen.

Eenmaal historisch onderlegd kan de stadswandeling echt beginnen. Via de hoofdentree en een bordes bereik je de Grote Markt waarop behalve uitnodigende terrassen ook het imposante, iconische Wilhelminafontein te zien is (bovenste foto). Dat anno 1898 geplaatst werd om de inhuldiging van hare majesteit te memoreren. Daarmee visueel volstrekt contrasterend is het Hugo de Groot poortje, links naast het plein, bij het overdekte terras van café-restaurant Hugo. Het is door dit poortje dat de in een boekenkist uit  Slot Loevestein ontsnapte Hugo de Groot zijn vlucht naar Antwerpen begon. Hetgeen gebeurde in 1621, en de rechtsgeleerde was vermomd als metselaar. Pal tegenover het poortje, tegen een zijmuur van het voormalige stadhuis, werd een vrolijk tekstje over de boekenkist aangebracht.

De nabije Grote Kerk is inderdaad groot, dateert in zijn huidige vorm uit de tweede helft van de 19e eeuw, en kan alleen beperkt worden bezocht (zondag en maandagochtend). Soms worden er concerten gegeven op het 18e-eeuwse orgel. Op zaterdagen, van de vroege lente tot laat in het najaar, is het mogelijk de 67 meter hoge Grote Toren te beklimmen. Wie de 256 treden heeft opgestapt, wordt beloond met een spectaculair uitzicht. Haaks op de kerk, in noordelijke richting, bevindt zich nog een poortje, het naar een steegje leidende Gasthuispoortje.  Dit voert naar de winkelrijke Gasthuisstraat, met meteen rechts (op de zijgevel staat ‘Lees’, want er is een boekhandel in gevestigd) het prachtige patriciërspand Dit is Bethlehem. Het dateert uit 1566, en heeft een fraai versierde gevel. Even verderop, ter linkerzijde bij nummer 36, is een muurschildering te zien van een goudkleurige blik met ‘Echte Gorcumse Zoute Bollen’. De desbetreffende bakker liet hem in 1937 aanbrengen. Hier en daar zijn in Gorinchem die blikken nog altijd te koop, zoals bij de VVV, maar de bollen zelf worden niet meer ter plekke gebakken.

Tijdens de stadswandeling is het sowieso goed om váák omhoog te kijken,  want overal binnen de vesting zijn mooie gevels en historische gevelstenen te zien. Ook portieken en bewerkte voordeuren  zijn het ontdekken waard. Terecht zijn Gorcummers zijn trots op hun stad. Zo looft de Stichting Stadsherstel een jaarlijkse publieksprijs uit voor het mooist gerestaureerde woon- of winkelpand.

Mocht het inmiddels lunchtijd zijn, loop dan terug door de Gasthuisstraat (in westelijke richting dus) en ga verder door de Westwagenstraat (langs mooist behuisde Plus supermarkt van Nederland) naar een beboomd pleintje. Met links weer zo’n historisch kleine pandje, en schuin vooruit rechts het op een hoek met terrassen  gelegen café-restaurant Metropole. Dit monumentale, voormalige ‘eersterangs hotel’ dateert uit 1887 en werd afgelopen zomer door de huidige eigenaar, Jeroen Andriesse, van binnen prachtig gerenoveerd, in klassieke stijl. Ga dus ook zeker even binnen kijken. Bepaald bijzonder is dat de keuken van Metropole zoveel mogelijk werkt met lokale en regionale producten. Zelfs het brood van de tosti’s wordt speciaal gebakken – en smaakt heerlijk. Terwijl de bediening grotendeels geschiedt door vriendelijke jonge mensen met een kleine handicap. Metropole is zo bijzonder, zo uniek, dat er in 2004 zelfs een rijk geïllustreerd boekje aan werd gewijd, ‘Metropole, een monument’ (uitgegeven door de Stichting Merewade).

De wandelroute kan worden vervolgd door even terug te lopen door de Westwagenstraat, en dan twee blokken verder linksaf de Haarstraat in te gaan. De 19e eeuwse rooms-katholieke Nicolaas Pieckkerk daar werd een jaar of dertig geleden omgebouwd tot een appartementencomplex, maar de oorspronkelijke glas-in-lood vensters zijn behouden gebleven. Ze tonen de zogeheten Martelaren van Gorcum – aan wie in het museum een apart zaaltje werd gewijd – die anno 1572 in Brielle werden opgehangen. Ga aan het eind van de Haarstraat even linksaf, daarna meteen rechts, en een an Gorinchems twee molens verschijnt fier in beeld, de Molen Nooit Volmaakt. Deze dateert uit 1718, en is nog volop in gebruik voor het malen van granen. In de eigen molenwinkel (geopend op woensdagmiddag en zaterdag vanaf 10 tot 17 uur) zijn verse producten te koop. Even voorbij de molen rechts ligt de historische haven waar ook historische schepen liggen, waaronder een paar meer dan honderd jaar oude klipperaaken.

Ongeveer haaks op de molen, richting stadshart, loopt de Kortendijk. In deze smalle straat is op nummer 65 nog een museum gevestigd, het Hendrick Hamel Museum. De museumwinkel ernaast verklapt al dat dit museum nauw verbonden is met… Korea. Waar zeevaarder Hendrick Hamel met zijn V.O.C. jacht in 1653 schipbreuk leed, en samen met de overlevende bemanningsleden gevangen werd genomen. Na ruim dertien jaar wisten hij en zeven kornuiten eindelijk te ontsnappen, naar Japan, waar hij zijn belevenissen te boek te stelde. Ook in Zuid-Korea zelf wordt Hendrick Hamel beschouwd als de ontdekker van het land, als een soort Columbus uit Gorinchem. In het museum kun je zien hoe Hendrick woonde, terwijl via diorama’s zijn avonturen kleurrijk in beeld worden gebracht, en ook o.a. Koreaanse kunst regelmatig wordt geëxposeerd.

Haaks op de Kortendijk lopen korte straatjes die uitkomen bij een gracht gedoopt Lingehaven,met aan de overzijde, aan zowel de Havendijk als de Appeldijk, de zoveelste reeks historische panden, niet alleen woningen maar ook pakhuizen (onderste foto). De Kortendijk gaat over in de Langendijk en daarna het Eind waar tegenwoordig allerlei leuke winkeltjes en galerieën te vinden zijn. Achter nummer 72 van de Langendijk is ook een het nog steeds in gebruik zijnde schuilkerkje Dit is in Abrahams Schoot uit 1588  te vinden. Aan het eind van het Eind even linksaf, en je komt bij Gorinchems meest gefotografeerde pand, het bij de Persbrug staande In den Blowen Hoed (rechs). Dit heeft een 17e-eeuwse uitstraling, en een gevelsteen uit 1640, maar werd gebouwd in 1910, als brugwachterswoning.  Zij het wel op veel oudere fundamenten. Je bent nu ook vlakbij de Lingesluis met daarachter de kades voor veerdiensten naar Slot Loevestein en andere nabije bestemmingen. Onderweg staan twee lage Koreaanse sculpturen, een hommage aan Hendrick Hamel. Terug naar het centrum en de Grote Kerk is het prettig wandelen via de Tolsteeg, de Krabsteeg en daarna de Boerenstraat, want overal zijn mooie gevels te zienIn deze laatste straat kom je ook theater Peeriscoop tegen dat gevestigd is in een voormalige jongensschool en geïnitieerd werd door theatermaker Fred Delfgauw. Een alternatieve route naar de grote markt zou kunnen zijn door na de Tolsteeg rechtsaf de Molenstraat te volgen waarin op de nummers 30-32 het statige Doelhuys (De Doelen, De Oude Doelen) staat dat een apart torentje heeft en het zoveelste Rijksmonument van Gorinchem is. Heb je nu al het moois van Gorinchem gezien? Dat zeker niet, want ook rond de stad, via de vestingwallen is een wandelroute van 3,5 kilometer uitgezet met meer dan dertig bezienswaardigheden. Stapsgewijs kun je in Gorinchem blíjven genieten.

 ~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

 SCHILDERIJ VAN DE MAAND

 DE VIJVER VAN CLAUDE MONET, IN GIVERNY

 De vijver die de grote impressionist Claude Monet heeft gecreëerd in zijn parkachtige tuin te Giverny (ongeveer halverwege Parijs en Le Havre) is de mooiste die ik heb bezocht, bij herhaling, altijd met een camera in de hand. En ook de meest inspirerende. Ik heb deze grote vijver-met-waterlelies dus graag nogmaals geschilderd, op een vrij groot doek van een halve meter breed. Bewust werd er flink wat kleur ingebracht, alsmede een sterk perspectief en een zonnige weerspiegeling van de wolkenlucht. Plus een beetje nostalgie, via het vrouwfiguurtje met parasol op het bruggetje in de verte.Voor meer details zie La Belle France op www.vinpressionist.com.

 

 

MEMORIES ARE MADE OF THIS (19)

ALLES WAS KOSTELIJK BIJ KAATJE

We gingen zo graag en zo vaak naar Blokzijl, ook met onze nog kleine kinderen, dat Julie en ik serieus overwogen om in dat historische havenplaatsje een kleine weekendwoning te kopen. Een heel klein huisje, het smalste ter plekke, kwam op de markt; maar helaas, de gemeente had het alleen bestemd voor permanente bewoning. Reden nummer één om frequent naar Blokzijl te rijden was een maaltijd bij Kaatje aan de Sluis, waar perfectie gebracht werd door de keuken, door het interieur en vooral door de gastvriendelijke Fons en Anneke van Groeningen (foto) die hun zaak anno 1974 waren gestart, in hetzelfde jaar dat ik fulltime wijnschrijver werd.

Ons eerste bezoek vond in 1977 plaats, een jaar voordat Kaatje zijn eerste Michelin-ster kreeg. In de zaak werd altijd kunst geëxposeerd (een jaar later hebben we er twee primitieve schilderijtjes van Marie-Anne Meier gekocht) en op de tafels lagen rode lakens en servetten. Als aperitief serveerde Fons een Champagne brut met een minischeutje Poire William likeur en een kleine roos. En bij de halve kreeft met dille, artisjokblaadjes, citroen en twee soorten mayonaise verscheen een Meursault Goutte d’Or 1974, aanvankelijk nog wat gesloten, daarna geleidelijk en fraai los komend.

Drie jaar nadien kreeg Kaatje een nieuw, stijlvoller aanzien. Zachte bruine en beige tinten bepaalden nu het interieur dat als accenten had een grote oude spiegel en een vogeltje in het midden van de benedenzaal. Van de menukaart, met daarop een stadsplattegrond uit 1661, kozen we het zevengangenmenu van 75 gulden. Alleen al de vier amuses vooraf brachten even zovele feestjes voor de zintuigen: een gepocheerde oester met kaviaar en een wijnsabayon, een half kwarteleitje met zalmeitjes, een tartaartje van coquilles en zalm in een mosterd-dillesaus, en een gevogeltemousse in appelgelei. Een menugerecht waarvan wij genoten bestond uit vier rivierkreeftjes met haricots verts, begeleid door een vinaigrette met passievrucht en wat waterkers. Prima met de witte Haut-Poitou, destijds ‘huiswijn’ van de Alliance Gastronomique Néerlandaise waarbij Fons en Anneke waren aangesloten; Fons is zelfs voorzitter geweest van dit verbond.

Ook latere maaltijden gaven dit soort heerlijke herinneringen. In gedachten proef ik nog de verrukkelijke, geconcentreerde kwartelbouillon met een kwarteldooiertje erin, de gedurfde doch geslaagde combinatie van stukjes kreeft met een fluwelige saus van gele, groene en rode paprika uit de polder, en de reebiefstukjes met een saus van eekhoorntjesbrood en allerlei groenten waaronder zowel lamsoren als peultjes gestoofd in ganzenvet. Het was eveneens een voorrecht om in het later geopende hotel – dat een weekendwoning overbodig maakte, soms lopen de dingen zoals ze moeten lopen – te logeren en te ontbijten, eigenlijk bijna brunchen. Dit alleen al vanwege het uitsmijtertje van kwartelei met boerenham, de frisse kalfspâté gemaakt volgens een recept van Fons’ grootmoeder, de terrine van vruchten met een vanillecrème – en natuurlijk de verwarmende, glimlachende gastvrijheid.

 

 

. Kurken zijn eigenlijk ondingen. Het was dus met grote vreugde dat ik – alweer dertien jaar geleden – het resultaat vernam van een test die Château Margaux had gedaan met zijn tweede wijn, Pavillon Rouge. Van de jaargang 2003 had men flessen gebotteld met diverse afsluitingen. En wat bleek? De wijn met een schroefdop was in betere conditie dan die met een (natuur)kurk. Paul Pontallier, de toenmalige directeur van Château Margaux, stelde: ‘Als we een consequent bewijs hebben dat de schroefsluiting beter werkt, zie ik niet hoe we hem kunnen weerstaan’. Het betreft overigens een wijn die meestal ruim 40 procent van de oogst op Château Margaux vormt en die toen €145 à €190 kostte. Overigens berichtte Pontallier ook nog dat de resultaten met synthetisch afsluitingen ‘absoluut catastrofaal’ waren.

. Wetenschappers hebben ontdekt dat een dagelijks glas of twee van wijn geen grotere kans geeft op keelkanker dan helemaal niet drinken. Sterker nog, degenen die met mate wijn consumeren lopen een lager risico op verschillende soorten kanker. Aldus de resultaten van een studie gepubliceerd in het tijdschrift Gastro-enterologie. Het onderzoek geschiedde door de Universiteit van Queensland (Australië) onder 1577 keelkankerpatiënten en een vergelijkbare, even grote groep die kankervrij was. De deelnemers registreerden hun dagelijkse gewoonten, waaronder het nuttigen van alcohol en het gebruik van tabak.

***

***

 WIJNK(L)IEKJES – 2
Bij toeval vond ik een archiefmap vol foto’s van vroeger. Het zijn herinneringen, visuele restjes eigenlijk, van wijngebeurtenissen die decennia geleden plaatsvonden.

***

Anno 1992 wisselde bij het beroemde Bourgognehuis Louis Jadot de wacht: directeur André Gagey droeg het stokje over aan zoon Pierre Henry. Het was de belangrijkste aanleiding om in Beaune een legendarische proeverij van kelderschatten te organiseren, sommige wijnen kwamen uit de 19e eeuw. Tot de deelnemers behoorden enkele driesterren restaurateurs. Op de tweede rij van de groepsfoto zitten o.a. Roger Vergé, Paul Bocuse en Pierre Troisgros. En links op de tweede rij van boven is Jean-Pierre Haeberlin van Auberge de l’Ill te zien. Een handvol wijnpublicisten was eveneens uitgenodigd. Vooraan met zijn grijze pak en kleurrijke stropdas hurkt Robert Joseph. Zelf sta ik helemaal rechtsboven achterin, en voor het zwarte bord op dezelfde rij kijkt de uit Amerika overgevlogen wijngoeroe Robert Parker naar de camera. Later in hetzelfde decennium, bij hem thuis in Maryland, vertelde Robert (‘Bob’ eigenlijk) dat hij aan de wijn was geraakt dankzij een vertaalde versie van mijn boek ‘De grote wijnen van Bourgogne’. Dat hij als “langharige, Coca-Cola drinkende hippie” bij toeval in Parijs had gevonden. En toen zo geboeid raakte dat hij op de trein stapte naar Beaune om daar voor het eerst in zijn leven wijn te gaan proeven.

***

BEPROEFD & GEPROEFD
recepten uit Julie’s kookdagboeken

Al meer dan 50 jaar houdt mijn vrouw Julie kookdagboeken bij waarin ze recepten noteert van gerechten die thuis tot tevredenheid werden bereid, ook voor etentjes met familie en vrienden. De laatste jaren waren dat geen diners meer, maar brunches en vooral ‘borrel-dinertjes’ met salades, soepen en zoet. “Dit soort maaltijden geven de kok/gastvrouw veel minder stress, en zijn ook plezierig voor de gasten. Die zelf kiezen wat en hoeveel ze willen eten, terwijl ze meer gelegenheid hebben om met andere gasten te praten, om naar te zwijgen over hoe fijn jonge kinderen dit vinden. Voorts hoeven borden, glazen en bestek niet steeds gewisseld te worden, en hoef je de tafel maar één keer te dekken, rond een mooi centerpiece.’ Hier is een van Julie’s beproefde en geproefde recepten.

Perensalade met blauwe kaas
(te gebruiken als een frisse verrijking van een kaasbord)
* 2 el appelazijn * 5 el olijfolie * 1 tl gember sap * zout en peper naar smaak  * 2 stengels bleekselderij, in dunne schijfjes gesneden * 100 g veldsla * 2 handperen met schil, gewassen – klokhuizen verwijderd, voorts eerst in vieren gesneden en dan in kleine dunne plakjes * 2 el grof gehakte en geroosterde walnoten * 100 g grof verkruimelde blauwe kaas

Maak een dressing van de vier eerst genoemde ingrediënten. Laat de plakjes bleekselderij hierin even marineren. Leg wat blaadjes veldsla op de borden, en garneer met de plakjes peer, geroosterde walnoten en verkruimelde blauwe kaas. Lepel de dressing (met de bleekselderij) over de salade. Maak de kaasborden verder af met de gekozen stukken kaas, en serveer dit nagerecht met stokbrood.

***

 In Azerbeidzjan, het grootste land van de Kaukasus (hoofdstad Bakoe) waar 90 procent van de bevolking in de islam gelooft, bestaat wijnbouw al 4000 jaar en is daar nog steeds een belangrijke factor (7 procent van de landbouwgrond). De rode wijn van het afgebeelde etiket werd gemaakt van vier druivenrassen, te weten carignan, grenache, marselan en mourvèdre, blauwe variëteiten die groeien in het bergachtige binnenland. Aldus de toelichting van de grote etiketten verzamelaar Bert Wentzel (jokebertwentzel@gmail.com)  die dit label selecteerde uit zijn wereldomvattende collectie.

 

 

 

 

Disclaimer. Alle afgebeelde foto’s op deze website in dit maandmagazine zijn afkomstig van de auteur zelf of werden rechtenvrij c.q. met toestemming verkregen van wijnproducenten, wijnorganisaties, wijnhandelaren, promotiebureaus, streek- en landenorganisaties, toeristenbureaus en andere betrokkenen.